Gezond op school

Hoe gezonder de schoolmaatlijden, hoe beter. Maar hoe krijgen we ze gezonder? Wat is gezonder precies? Hoe krijgen we er een draagvlak voor, en hoe houden we het betaalbaar? 

De aandacht voor de gezondheid van schoolmaaltijden groeit. Onder meer is daar het Vlaams Instituut Gezond Leven vzw mee bezig. Het is een partnerorganisatie van de Vlaamse overheid. Op 30 april 2019 was het één van de ondertekenaars van het nieuwe charter voor gezonde, evenwichtige en duurzame schoolmaaltijden, samen met de Unie van Belgische Cateraars, enkele individuele cateraars, Horeca Vlaanderen, Rikolto, de onderwijsverstrekkers, koepels van ouderverenigingen en twee Vlaamse ministers.
Dr. Jolien Plaete is één van de deskundigen bij het Instituut. Ze benadrukt dat eetgewoontes op school veel invloed hebben op een persoon, zowel op korte als op lange termijn: “Wetenschappelijk onderzoek heeft effecten aangetoond op korte termijn, zoals een betere concentratie en schoolresultaten. Er zijn ook effecten op lange termijn: zo blijkt dat wie als kind overgewicht heeft, meer kans heeft overgewicht te ontwikkelen als volwassene.” 
Nu is, wat schoolmaaltijden betreft, nog beterschap mogelijk. “We deden een bevraging voor 2015, die uitwees dat een volwaardige portie groenten -dat is een half bord, en 200 gram- in de helft van de secundaire scholen nog niet dagelijks op het menu staat. Bij basisscholen is dat nog niet het geval bij vier op de tien. Aan de andere kant zien we dat vet vlees zoals worst, ribbetjes, spek, in ruim vier op tien scholen te vaak, namelijk twee tot drie keer per week, op het menu staat. Bij een screening van een aantal menu’s van scholen, zie ik veel saus, veel vet vlees, de frietjes die te vaak terugkeren,…”

Twee kanten

Het initiatief om de schoolmaaltijden gezonder te maken, kan van verschillende betrokkenen komen. Bijvoorbeeld van de schooldirectie. Maar het verlangen die richting uit te gaan, kan ook vooral bij de cateraar groot zijn. Plaete: “Sommige scholen vinden het moeilijk een gezond aanbod te vinden. Maar er zijn ook cateraars die zeggen een gezond aanbod te hebben maar te weinig scholen te vinden die ervoor kiezen. Als een kok van eigen keuken of externe cateraar de school wil overtuigen die richting uit te gaan, zal die met argumenten moeten komen, bijvoorbeeld door uit te leggen wat gezond is; dan kunnen discussies rijzen wat nu eigenlijk gezond is. Als dat gebeurt, kan het helpen te melden wat de overheid daarover zegt. We hebben dat genoteerd in een gids waarin onder meer dat staat. Heel belangrijk voor een gezonde schoolmaaltijd is alvast voldoende variëren, met ook aandacht voor verhoudingen: een kwart groenten, een kwart vlees, vis of vervangproducten, een kwart aardappelen en volkorenrijst. Als op het menu bijvoorbeeld vaak vet vlees terugkomt, kan je dat afwisselen met andere soorten vlees, vis en goede vegetarische alternatieven zoals peulvruchten. Ook belangrijk is naar zuivere vormen van voedingsmiddelen te gaan, bijvoorbeeld door op smaak brengen met verse kruiden en met minder zout.” 
Uiteraard zal het nooit de cateraar of kok van eigen keuken zijn die autonoom de stappen zet: “Stappen zet je in samenspraak met de school, want doel is dat dit in het gezondheidsbeleid van de school komt. Als er een werkgroep gezondheid is op school, is het een goed idee snel met hen daarover te overleggen.” 

Draagvlak

Het is best stap voor stap te werken, meldt Plaete: “De eerste, heel belangrijke stap is een draagvlak creëren. Daarvoor moet je in de school in kaart brengen wat de meningen zijn van iedereen die betroken is: leerlingen, leraren, ouders, koks,… Zo voorkom je barrières zoals weerstand van ouders -dat komt vaak voor in het basisonderwijs-, weerstand van leerlingen –wat typisch is in het secundair onderwijs- , onwetendheid bij personeel, enzovoorts. Je zou in het secundair onderwijs aan leerlingen kunnen vragen: wat is jullie mening daarover? Bij de introductie van een nieuw ingrediënt of gerecht zou je een proefmoment met kinderen kunnen organiseren. Stel vragen als: welke groenten vind je lekker, welke vind je minder lekker, wat zou je nu willen? Om daarna ook leerkrachten en ouders te bevragen. En als een bepaalde verandering wordt doorgevoerd, informeer dan waarom dat gebeurt.” 

Beginsituatie

Stap twee is: breng je beginsituatie in kaart. “Wat wordt nu aangeboden? Zo zou je kunnen nagaan of het bord voldoet aan de criteria waaraan een gezonde maaltijd voldoet. Voorbeelden zijn: is het bord telkens voor de helft gevuld met groenten, wordt eenmaal per week vis aangeboden,…”
Stap drie is prioriteiten en doelstellingen formuleren: “Want je kan niet alles in één keer veranderen. Bijvoorbeeld zou je kunnen beslissen eerst het werkpunt ‘de portie groenten is te klein’ aan te pakken. Als volgende werkpunt zou je kunnen remediëren dat te weinig vis wordt geserveerd, om daarna te beginnen aan het werkpunt dat er nooit een vegetarisch alternatief is.” 

Evalueren en verankeren

Stap vier is: de acties uitwerken, stap vijf ze uitvoeren. Let daarbij ook op de presentatie van de maaltijd: als die mooi is, zullen de leerlingen die sneller accepteren. Stap zes is alles evalueren. “Zodra de verandering ingevoerd is, kijken: eten de leerlingen dat op of niet? Hoe staan ze er tegenover?”, stelt de deskundige. “Ook de laatste, zevende stap is belangrijk: het aanbod rond de schoolmaaltijden verankeren in het schoolbeleid. Als bijvoorbeeld een vegetarisch alternatief wordt ingevoerd, is het nuttig over de achtergrond daarvan te spreken in de lessen. Een ander voorbeeld van verankeren in het schoolbeleid, is de ouders bij het gebeuren betrekken.”
Volgens haar zijn er al mooie voorbeelden. Zo vermeldt ze een school met eigen keuken die hele mooie porties groenten aanbiedt; een deel daarvan komt uit een moestuin die de kinderen mee beheren, zodat ze de oorsprong van hun voedsel leren kennen. 

Prijs

Is gezonde voeding niet duurder? Plaete nuanceert: “Als je bijvoorbeeld de vleesportie vermindert, heb je al een win-win: gezonder en goedkoper. Hetzelfde als je gaat voor meer lokaal geteelde, seizoensgebonden groenten. Maar het is ook zo dat wie kwaliteit wil, bereid moet zijn daarvoor een passende prijs te betalen.” 
En: “Als iemand specifieke vragen heeft daaromtrent, mag die ons zeker mailen”, besluit ze.

Gezond op school online
• Wallonië en Brussel namen eerder al initiatieven om te komen tot meer gezondheid op school: zie www.mangerbouger.be en https://bit.ly/2H3BzOy — Een lastenboek dat is samengesteld door de Fédération Wallonie-Bruxelles heeft duurzamere maaltijden als focus en omhelst ook aandacht voor gezondheid: http://mangerbouger.be/IMG/pdf/cahier_special_des_charges.pdf
• Vlaams Instituut Gezond Leven bracht samen met de Vlaamse overheid een gids uit: ‘Richtlijnen voor Vlaamse scholen over schoolmaaltijden’, te vinden op www.gezondleven.be/files/voeding/schoolmaaltijdengids_2018.pdf.
• Soms organiseert het Instituut samen met het Vlaamse departement onderwijs en vorming en het FAVV een opleiding rond schoolmaaltijden. Die vermeldt het dan op www.gezondleven.be/opleidingen. Maar ook opleidingen op aanvraag zijn mogelijk, via www.gezondleven.be/opleidingen/op-aanvraag.
Meer info: www.gezondleven.be/settings/gezonde-school/wat-is-gezonde-school

Tekst: koen Vandepopuliere

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*